Kun je als weldenkend mens vallen voor een ‘foute’ man of vrouw? Jazeker. Journalist Sharon van Oost vertelt uit eigen ervaring.

Het begon zo mooi allemaal, met een lief verhaaltje in mijn brievenbus. Hij had nog nooit iemand zoals ik ontmoet, stond erin. En ondanks dat we elkaar nog niet zo lang kenden, wist hij het zeker: ik was zijn grote liefde. Na een paar afspraakjes was ook ik verkocht. Het duurde helaas wel even voor ik erachter kwam dat deze man geen goede bedoelingen had. Onze eerste ontmoeting herinner ik me goed. Een paar jaar geleden, tijdens de uitreiking van een journalistiekprijs. Met zijn grote bos krullen, lange zwarte jas en Dr. Martens zag hij er typisch uit als een schrijver. Best wel mijn type. Niet dat er iets gebeurde; hij had al jaren een vriendin.

Maanden later stuurde hij een berichtje: zijn relatie was over. Of ik iets met hem wilde drinken. En toen dus dat verhaaltje. Klinkt onschuldig toch? Heerlijk vond ik zijn aandacht. Want hoewel ik het als mid-twintiger goed voor elkaar had met fijne vrienden, interessante journalistieke opdrachten en een masterdiploma op zak, was ik tegelijkertijd best onzeker. Constant op zoek naar bevestiging. Ik wilde zó graag een vriendje.

Als ik toen beter had opgelet, waren er waarschijnlijk wel alarmbellen gaan rinkelen. Signalen dat het niet goed zat, waren er achteraf gezien heus wel. Maar opletten bleek in die tijd niet bepaald mijn sterkste kant. Ik was smoorverliefd. Om met hem te kunnen zijn, heb ik belangrijke dingen op het spel gezet: vriendschappen, mijn spaargeld, mijn zelfvertrouwen. Het moest flink fout gaan voordat ik dat eindelijk inzag.

CLICHÉS
Voor wie nu denkt: mooie praatjes, wie trapt daar in godsnaam in? Begrijpelijk. Zo dacht ik zelf namelijk ook. Nu ik terugkijk op die periode, snap ik niet waarom ik alle red flags genegeerd heb. Een soap was er niets bij. In het begin was niets te gek: hij verdiende bakken met geld, trakteerde me op etentjes, hotelovernachtingen. Hij was lief, zorgzaam, we voerden diepe gesprekken. Hij schreef prachtige verhalen voor me. Maar na een tijdje kwamen de leugens, verdween hij soms ineens, betaalde hij geleend geld niet terug. Hij bleek verslaafd aan cocaïne, gedroeg zich soms agressief. En ik praatte het constant goed. Luisterde niet naar de mensen die mij waarschuwden, werd zelfs boos op hen. Ik was vooral met hem bezig. Wist zeker dat ik hem kon ‘redden’. En dat we dan daarna nog lang en gelukkig zouden leven. Over clichés gesproken… Mijn ogen gingen eigenlijk pas open toen ik ontdekte dat hij via Facebook berichten stuurde naar andere meisjes, vreemdging. Had ik daar nu alles voor opzijgezet?

ONTOEREKENINGSVATBAAR
Nadat het uitging, afgelopen jaar, bleef ik achter met veel vragen. Waarom slikte ik alles wat hij zei voor zoete koek? En waarom twijfelde ik aan het oordeel van mijn vrienden en niet aan dat van hem? Liefde maakt blind, luidt een wijsheid (dank u, Shakespeare). Mijn psycholoog deed daar nog een schepje bovenop. Volgens hem maakt liefde niet alleen blind, maar zelfs ontoerekeningsvatbaar. Dit stelde me niet echt gerust. Want eigenlijk zeg je hiermee dat je zelf niet verantwoordelijk bent voor de situatie. Toch is dat zo, bepleiten wetenschappers vanuit verschillende disciplines. Als je verliefd bent, nemen je hersenen een loopje met je. Liefde maakt figuurlijk gezien hartstikke blind. Hersenscans van verliefde mensen tonen dat aan. Onder anderen de Amerikaanse bioloog en antropoloog Heleen Fisher, de Nederlandse neurobioloog Gert ter Horst en de Britse neurologen Andreas Bartels en Semir Zeki publiceerden de afgelopen decennia uitgebreid over dit fenomeen.

Zo legden Bartels en Zeki, werkzaam aan het University College Londen, in het jaar 2000 zeventien proefpersonen foto’s van verschillende mensen voor, onder wie hun kersverse geliefden. Bij het zien van de foto’s van de geliefden, gebeurde er iets eigenaardigs in de hersenen: de prefrontale schors, waar het rationele beoordelingsvermogen en de impulsbeheersing zich bevinden, werd zo goed als uitgeschakeld. Als dat gebeurt, wordt iemand onvoorzichtiger en denkt hij of zij minder rationeel en kritisch. Dit gebeurde niet bij de foto’s van familieleden, vrienden en onbekenden. Dat kan ik beamen: van anderen werd ik niet warm of koud.

VERSLAVING
Verliefdheid heeft wel iets weg van een psychische aandoening, of specifieker: van een dwangstoornis of verslaving, zegt hoogleraar psychologie aan de Universiteit van Tilburg Ad Vingerhoets. In zijn boek De ondraaglijke lichtheid van de liefde komt het fenomeen uitgebreid aan de orde. Bij het zien van de persoon op wie je verliefd bent, maken de hersenen dopamine aan. Deze neurotransmitter zorgt ervoor dat je genot en euforie voelt. Hetzelfde kan gebeuren bij iemand die bijvoorbeeld cocaïne gebruikt. Vingerhoets: ‘Als je je zo focust op de persoon op wie je verliefd bent, of het genotmiddel waar je zo naar verlangt, kun je blind worden voor de werkelijkheid. Je wil niet dat het heerlijke gevoel afneemt.’ Het idee dat liefde een soort ziekte is, stamt overigens al uit de klassieke oudheid, vertelt de hoogleraar. ‘Volgens Hippocrates, de Griekse grondlegger van de medische wetenschap, verstoort verliefdheid namelijk de balans in het lichaam. En dat uit zich dan weer in het niet meer helder kunnen nadenken.’ Wat verder geen grote problemen hoeft te veroorzaken, tenzij je dus, zoals ik, een rotte appel treft.

GRENZEN
Als de blindheid ertoe leidt dat je over je eigen grenzen heen gaat, wordt het problematischer. Relatietherapeut en psycholoog Mirella Brok: ‘Als we verliefd zijn, doen we graag iets liefs voor de ander. We trakteren op een etentje, verzetten een afspraak, lachen een foutje weg. Zo willen we onze partner gelukkig maken. Dat kan lang zo doorgaan. Sommige cliënten komen er na maanden of zelfs jaren achter dat zij veel meer geven dan de ander. Dat ze steeds over hun grenzen heen gaan en dat hun partner dat ook doet. Vaak blijkt dat ze zich daar tot dat moment helemaal niet bewust van waren. Ze voelen zich blind en bedrogen.’ Erg herkenbaar, ik ben constant over mijn grenzen heen gegaan. Eigenlijk niet zo gek dus, dat hij dat ook deed.

In zo’n situatie is de partner meestal niet als enige schuldig, vindt Brok: ‘Vaak is er in zo’n relatie een gebrek aan eerlijke communicatie over geven en nemen. Als je hierin vooruit wilt, is het belangrijk dat je voor jezelf bepaalt wat je grenzen zijn en dat je hier duidelijk over bent naar je partner.’ De psycholoog benadrukt dat ze geen situaties bedoelt waarin misbruik of geweld in het spel was of is. ‘Wie die grens overgaat, kan dat niet goedpraten.’

DE POSITIEVE KANT
Als een relatie mislukt, veroorzaakt dat vaak veel verdriet. Zeker als je bent bedrogen of er iets anders naars is gebeurd. Toch kijkt Brok graag naar de positieve kant: ‘Vaak maken ervaringen je uiteindelijk wijzer en sterker. Hoe meer je meemaakt in de liefde, hoe meer je leert over jezelf. Er valt bijna altijd wel een les te leren. Welke les dat is, is voor iedereen natuurlijk verschillend.’ Mijn belangrijkste les? Dat ik moet leren waar mijn grenzen liggen. Daar was ik tot voor kort veel te weinig mee bezig. Grenzen geven je de vrijheid om een eigen wil, gedachtes en keuzes te ontwikkelen en daarnaar te handelen. Tegelijkertijd beschermen ze je als iemand zich opdringt of manipulatief gedrag vertoont, iets waar mijn ex meester in was. Maar ik realiseer me ook dat ik niet alle schuld bij hem kan leggen. Ik was er namelijk zelf bij. Daar slaat mijn tweede les dan ook op: neem verantwoordelijkheid voor je eigen keuzes. Dwing jezelf om je gezonde verstand te gebruiken, ook al maakt de hevige verliefdheid je in eerste instantie slechtziend.

VERBORGEN GEBREKEN
Liefde kan ons dus blind maken, ‘ziek’ zelfs. Maar is dit blijvend of kunnen we na verloop van tijd op een gezonde manier van onze wederhelft genieten? Natuurlijk kan dat, stelt hoogleraar psychologie aan de Universiteit van Tilburg Ad Vingerhoets gerust. ‘Echte verliefdheid duurt in de regel één à twee jaar. Daarna komen de emoties in wat rustiger vaarwater terecht. Daarmee verdwijnt ook de blindheid stukje bij beetje. Dan blijkt de persoon die we eerst zo idealiseerden ineens ook gebreken te hebben. En dat hoeft helemaal geen probleem te zijn.’

Relatietherapeut en psycholoog Mirella Brok ontvangt in haar praktijk regelmatig mensen die achteraf zeggen blind te zijn geweest bij het begin van hun relatie. ‘Ik denk dat het ons tot op zekere hoogte allemaal weleens gebeurt. Zodra de echte kriebels zijn weggeëbd, blijkt de ander ineens net zo veel mens als zijzelf. Met net zo’n lastige gebruiksaanwijzing. Als dat aan de hand is – en de ander verder geen slechte bedoelingen heeft – geef ik mijn cliënt als oefening mee om het standpunt en de achtergrond van de ander in gedachten te nemen. Om zich daarin te verplaatsen. Dat klinkt simpel, maar het helpt bij het kweken van begrip voor de ander. Soms is het zelfs goed voor je relatie om je “roze bril” weer even op te zetten, en te focussen op wat je in het begin zo fantastisch vond aan je vriend of vriendin.’